| Aantekeningen |
- Johanna Kaashoek, wed. van Marinus Geluk, 1763 - 1765, de erfgenamen 1766-1768.
Marinus Geluk, zn. van Jacob Marinussen Geluk en Adriaantje Bogaart, ged. St.Maartensdijk 5 oktober 1721, landman, overl./begr.
Tholen 27 februari/1 maart 1763, otr./tr. als j.m. geb. St.Maartensdijk en won. St.Annaland, St.Annaland 27 januari/14 februari 1747
Johanna Caashoek, geb. en won. St.Annaland, ged. St.Annaland 7 oktober 1725, overl./begr. Tholen 12/14 december 1765, dr. van Johannes Caashoek en Maatje Pelle.
Marinus Geluk woonde. als pachter op de hofstede Molenvliet en kocht kort voor zijn overlijden in 1763 de hofstede Luchtenburg, in pacht bij Jan de Vogel. De hofstede Luchtenburg werd aan zijn wed. geleverd in maart 1763. De wed. Johanna Kaashoek bleef tot haar
overlijden in 1765 op de hofstede Molenvliet wonen. In 1766 werd de inspan en de veldvruchten van de hofstede Molenvliet publiek verkocht.
Volgens de rekeningen van het oorgeld der paarden is Marinus Geluk te Tholen eigenaar van 4 paarden in 1750-1761, zijn weduwe 4 paarden in 1762-1763 (jaren 1764 en 1765 ontbreken) (Tholen. GA inv.nr. 293).
Staat en inventaris van de boedel zoals in het gemeen bezeten geweest bij Marinus Geluk, overleden 27 februari 1763 en zijn huisvrouw Johanna Caashoek, t.b.v. zijn weduwe en zijn minderjarige kinderen m.n. Johannes oud 14 jaar,
Cornelis 11 jaar, Maatje 3 jaar en Maria Geluk oud 3 maanden, alles volgens testament voor Not. Johannes van Noorden te Tholen d.d. 28 november 1760.
Overgebracht ter weeskamer op 5 december 1763 door de wed. Johanna Caashoek ten overstaan van Pieter Geluk en Adrijaan Caashoek, zoals bij testament aangesteld als voogden.
De boedel bestaat uit o.a.: contante penningen, goud en zilver, obligaties; inboedel; landbouw gereedschap; melkgereedschap;
vruchten te velde en in de schuur; 6 paarden, 8 melkkoeien en 15 jongvee, 12 paar hoenders en hanen; een hofstede met 88 gemeten 103½ roede land,
na aftrek van 8 gemeten 221 roeden erfpacht, staande en gelegen in de polders Schakerloo en de 1500 Gemetenpolder, door de overledene kort
voor zijn overlijden gekocht uit de boedel van de wed N.J.H. Noeij, voor een somme van £ 706:15:2 vls.; 1/8 part in de buiten meestoof te Tholen waardig £ 66:13:4 vls.
Jan de Vogel is schuldig aan de boedel de pacht van de hofstede en annexe landen t.w. £ 106:15:9 vls. verschenen bamis 1762, te
betalen volgens de verkoopcondities aan de Hr. A. Berckmans. Baten totaal £ 3.131:3:7 vls. De lasten bestaan uit o.a.: de kooppenningen
voor de hofstede en landen gekocht in 1763 voor £ 8 vls. ’t gemet, totaal £ 706:15:9 vls., te betalen in 4 termijnen, contant ¼ en verder ieder
volgend jaar ¼, nog schuldig £ 530:1:4½ vls.; de hr. C. Gaaswijck heeft te goed van deze boedel per reste wegens de pacht van de hofstede en landen bij de wed.
bewoond en gebruikt wordende verschenen bamis 1762 £ 40:8:10 vls. Lasten totaal £ 1.117:6:8 vls. De wezen een kinds gedeelte (Tholen. Weeskamer inv.nr. 19-232).
|